Lotte Van den Berg, ‘Winterverblijf’

Heel even bleef de tijd stilstaan. Dan werd die teruggespoeld en hetzelfde tafereel afgespeeld, met andere accentjes. En dan weer opnieuw, steeds in een uiterst breekbare slowmotion. Ook in dit nieuwe stuk van Lotte van den Berg heeft de mechaniek van de tijd geen vat op de realiteit. Als ‘Winterverblijf’ al deel uitmaakt van de werkelijkheid tenminste. Met haar allereerste stuk in de grote theaterzaal, levert ze alvast weer een betoverend staaltje theater af.

De inspiratie put ze ditmaal uit haar reizen door Mongolië en Siberië. Geen razendsnelle Peking Express op het ritme van VT4 om de onherbergzame gebieden zo snel mogelijk te doorkruisen en liefst zo weinig mogelijk stil te staan bij de magische traagheid die die regio’s omringt. In dit winterverblijf zoekt de theatermaakster juist de broze betovering op van het stille moment. Het breekbare emotionele, de kleine kantjes van de onzekere mens, en het persoonlijke verlangen en geloof in het bijzonder.

Een leeg podium en een verre stem

Vertrekpunt is een leeg podium met slechts een geluidsopname van de allerlaatste theaterperformance van Jozef van den Berg, haar vader. Daarin onderbrak hij prompt het stuk, las een stuk voor uit zijn zakbijbeltje en kondigde aan zijn theatercarrière in te ruilen voor ‘de echte werkelijkheid’, iets van een hogere orde. Het bandje stopt, de tijd wordt teruggespoeld en Dirk Roofthooft komt het podium op en herhaalt bijna twintig jaar later dezelfde beklijvende slotspeech waar een priester alleen maar jaloers op kan zijn.

Wat volgt, zijn enkele taferelen die pijnlijk – maar net daarom ook zo mooi – het falen van communicatie tussen vader (Roofthooft) en dochter (Marlies Heuer) illustreert. Maar waar woorden te kort schieten, bewijzen rituelen hun kracht. De voorzichtig op gang gebrachte theeceremonie slaagt erin beiden even samen te brengen maar eindigt wel in klaterend schervengekletter. Een ander hoogtepunt is de opbouw van het tableau vivant aan het einde van het stuk, waarbij de planken traag worden volgestouwd met allemaal verschillende stoeltjes en zo langzaam aan getransformeerd worden tot kerkinterieur. Mensen komen, hopen en geloven, en mensen gaan, ieder gekweld in zijn individuele verlangens.

Persoonlijk verhaal

Niet alleen het thema ontroert. Het is vooral de persoonlijke eigenheid waarmee Van den Berg dit onvervulde verlangen aanbrengt, dat het stuk letterlijk naar hogere sferen tilt. De intensiteit en de eenvoudige schoonheid van de vertraagde herhaalde handelingen zorgen voor aardig wat kippenvel, of ligt dat laatste misschien aan de onaardse gezangen van Sainkho Namtchylak of Judith Vindevogel?

De fragiele puzzelstukjes van Lotte komen het best tot uiting in de intimiteit van kleine zaaltjes. Ondertussen is ze al toe aan haar tweede seizoen bij het Toneelhuis, en ze kiest er nu voor om voor het eerst haar thuisbasis, de Bourla, te integreren in haar stuk. Gedurfd, maar daarom niet minder geslaagd. De panelen die aan het begin van het stuk worden weggeschoven maken het stuk niet alleen visueel aantrekkelijker. Het nagebouwde coulissedecor van het ‘théâtre à l’italienne’ waarvoor de Bourla werd gebouwd, plaatst de intieme taferelen in een gloednieuw perspectief en zet ons ook op die manier aan het denken over de realiteit van het theater.

‘Winterverblijf’ is een mooie en ontroerende maar zeker even complexe en rationeel niet volledig vatbare kerstboodschap. Het plaatst de eenvoudige schoonheid van de individuele belevenissen van geloof of ongeloof, angst of vertwijfeling in de kijker en is een mooi voorbeeld van wat religie nog betekent of kan zijn in een gedesacraliseerde kerstperiode anno 2007.

Cédric Raskin
Voor Cutting Edge

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top