Deutsche Rundfahrt #3 – Ständehaus K21

In Düsseldorf regent het. Altijd. Ook nu weer. Dus dáárom besteden de Andreas Gursky’s ter plaatse zoveel tijd aan de nabewerking van hun foto’s! Binnen is het zoveel droger dan buiten.

Na vier eerdere bezoekjes dacht ik de binnenstad wat te kennen. Niks van, voor de vijfde keer rijd ik verkeerd over de gigantische brug. Om daarna weer een U-turn te maken en opnieuw in de file te staan. Tradities. Toch maar beter een museumadres in mijn gps ingesteld, want op zoek naar Kunstsammlung K20 doemt naast mij plots het Ständehaus K21 op. Dat aan de andere kant van het centrum ligt. De betaalparking dichtbij is nieuw, de wat nerveuze man die er zijn auto in klemreed, is oud.

Nog steeds Saraceno in K21

Het blijft mooi. Kijk je vanuit de piazza van K21 naar boven, zie je de grote netten die er nog steeds hangen. Met daartussen grote doorzichtige ballen, en hier en daar witte kussentjes. En mensen die op handen en voeten over het web kruipen. De gigantische zwevende installatie ‘In orbit’ van Tomás Saraceno hangt al in het museum sinds juni 2013. Voorlopig zonder einddatum, verklapt mij de suppoost, want zoveel succes. De dictatuur van de commerce.

Nog mooier misschien dan de installatie zelf, is de voorstudie die Saraceno maakte. In één van de zaaltjes zie je in het donker twee sober belichte kunstwerken. Veelvuldige lagen spinnenwebben, door en over elkaar. Een flatgebouw voor tarantula-lookalikes. Realisation & design: de spinnekop himself. Het werk zou zo in Verbeke Foundation kunnen hangen.

Monologen in het spookhuis

Het concept van K21 houdt stand. In al te veel musea van hedendaagse kunst ‘treden de verschillende kunstwerken met elkaar in dialoog’. In mensentaal: ze hangen in dezelfde zaal. Omdat de scenograaf te lui was om in de grote witte ruimten tussenschotten te plaatsen. Niks daarvan in K21. Daar voeren de kunstwerken hoogstens monologen. Verspreid over vier etages herbergt het museum vooral veel – vaak in situ – installaties. Deurtje open, treed binnen, verrassing, deurtje dicht.

Opvallend veel zalen zijn tijdelijk gesloten, mijn garantie op een nieuw bezoek volgend jaar. Topper deze keer is ‘Dark pool’ (1994) van Janet Cardiff en George Bures Miller. Open je de krakende deur, kom je terecht in een stoffige, verduisterde zolderkamer met zwakke elektrische lichtpeertjes. Overal opengeslagen boeken met handgeschreven wetenschappelijke diagrammen, essays over paranormale gaven, oude bokalen en flessen. Een griezelig rariteitenkabinet. Plof je neer op een oude zetel of buig je je over een handschrift, treedt plots een mechanisme in werking en beginnen spookstemmen te vertellen over het mysterie van de zwarte plas. Over belevenismusea gesproken!

Ook griezelig, maar dan met een poëtische schoonheid, is ‘Trace of Memory’ (2013) van de Japanse Chiharu Shiota. Van een schrijfbureau vliegen papieren vellen de lucht in. De hele installatie, bureau en schrijfsels, worden aan elkaar gehouden door een enorm web van zwarte wol. Als een soort beschermende cocon.

Genoeg kunst. Klaar voor meer kunst. Op naar K20.

.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top