Ode #2 – Nabilla Ait Daoud

Met grote omhaal zwaait ze haar warme roze sjaal stevig om haar hals. Het is laat op de namiddag, herfst bovendien, het waait nog niet maar voelt toch al koud. En ze is de vernieuwde inkomhal van het stadhuis niet eens uit.

Bescheiden als ze is, neemt ze het deurtje naar de achterkant van het gebouw. Vooraan heb je die jonge snuiters al. Met hun beschilderde gezichten en vreemde dunne pakjes aan doen ze voor de camera allemaal gekke dingen op het plein. Ze ziet het straks op het nieuws, ze houdt wel van cultuur.

Nu ja, wat je vandaag nog cultuur noemt. Die jonge dansers die niets anders doen dan wat omvallen op het podium. Beeldhouwers met afval in plaats van brons. Dat kinderachtig schilderen kan haar dochter ook. En die vervelende zeurkousen die zich stadsdichter noemen, hun verzen rijmen niet eens.

Thuis draait ze de verwarming hoog. Besparen doet ze al op het werk. Ze houdt haar warme sjaal aan, ploft in de zetel en zet de tv op. Kijkt links en rechts wie naast haar zit. Niemand. Soms zou ze gewoon eens met iemand willen praten maar ze weet niet met wie.

2 gedachten over “Ode #2 – Nabilla Ait Daoud”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top